We zien elkaar op de top.

Een ‘einde-zomer-trip’ naar Monte Rosa 

Brussel, vrijdag 3 september, er is de drukte van het nieuwe schooljaar en voor mij persoonlijk de stress van de tiende editie van mijn 100% Snow persevenement dat zowel pers, influencers als de Belgische skigemeenschap samenbrengt om de start van het komende winterseizoen te vieren. Daags voordien had ik diner met Justine Corman en Pierre Gerondal, Belgische ondernemers die handgemaakte houten ski’s produceren. Zij werken al enkele maanden aan een project met Belgisch snowboarder, Seppe Smits. De Red Bull-atleet, tweevoudig wereldkampioen, zoekt zingeving als vervolg op zijn carrière en wil zich zo meer richting freeride en ecologisch verantwoorde avonturen oriënteren. Op initiatief van Benjamin Bourguigon van het bureau Get In en David Bertrand, specialist extreme sporten bij de RTBFen David Zenko, cameraman en producer komen zij met het waanzinnige idee Seppe nieuwe vleugels te geven in de vorm van een splitboard. Dat maakt dat Pierre en Seppe sinds januari samen veel tijd in Malmédy doorbrengen, ze ontdekken de rijkdom van de Ardense bossen en de tradities die verbonden zijn aan het zagen van hout in een zagerij en tenslotte in Pierre’s werkplaats. Het resultaat: een handgemaakt splitboard, 100% made in Belgium. 

Vele uren werk later, inclusief een kortfilm – getiteld Ride 694 – die deze winter gepresenteerd wordt op het Mountains on Stage festival, ideeën uitwisselen en prototypes aanpassen ziet het Gerondal-splitboard eind augustus zijn eerste sneeuw op de SnowWorld indoorpiste in Landgraaf. Die test is een succes. Het enige wat nu nog dient te gebeuren, is proefrijden in de Alpen. Half september trekt de groep rond Seppe naar de Italiaans-Zwitserse grens om in het Monte Rosa-bergmassief te klimmen, na de Mont Blanc het op één na hoogste massief van de Alpen. Het hoogste punt, de Pointe Dufour (4634 meter), is de op drie na hoogste top van de Alpen en de hoogste van Zwitserland. Pierre vraagt me het team te vervoegen. Hoe kan ik weigeren? Opgewonden om half september in het hooggebergte te gaan skiën, stem ik onmiddellijk in.

Seppe Smits en vrienden

Op 100% Snow ontmoet ik voor het eerst Seppe Smits: vriendelijk, charmant, welwillend, een immens verschil met het beeld dat sommige Red Bull-atleten uitstralen. Hij vertelt me over de groep die hij heeft samengesteld voor deze reis. Die zal bestaan uit een tiental mensen, waarvan meer dan de helft ervaren snowboarders. WhatsApp wordt ons communicatiemiddel om de tocht voor te bereiden en ervoor te zorgen dat iedereen over de juiste veiligheidsuitrusting beschikt om over gletsjers te trekken: ijshouweel, klimgordel, slings, ijsvijzen, touwklem… Frederic Magnus zet in WhatsApp meteen de toon: we kunnen in tweeënhalf uur van Alagna Valsesia naar de Gnifetti-hut klimmen en, als het weer gunstig is, kunnen we al meteen op de eerste dag een aantal toppen: Piramide Vincent (4215 meter), Ludwigshöhe, Parrotspitze (4432 meter), Signalkuppe (4554 meter). De reis is kort, we vertrekken op donderdag en op zondag rijden we reeds terug naar Brussel. 

Samen met Pierre leg ik de negenhonderdvijftig kilometer tussen Malmedy en de Piemonte af. We hebben ruim de tijd om over onze respectieve projecten te praten, maar ook over onze gemeenschappelijke vrees. Zullen wij klaar zijn voor deze uitdaging? Met uitzondering van David Bertrand, zijn cameraman Zen, Pierre en mezelf, gaan we op stap met een groep fitte dertigers.

Twaalf uur en een bijzonder hevige storm later komen we aan in het kleine dorpje Alagna waar we een bed & breakfast hebben geboekt. De rest van de groep arriveert druppelsgewijs, sommigen met Seppe, anderen alleen, uit Oostenrijk of Zwitserland. We leren elkaar kennen bij een pizza in een trattoria. De sfeer is meteen geweldig. Matthias, een snowboarder die bij Pepsi in Kopenhagen werkt, vertelt me dat dezelfde groep reeds een expeditie in Kyrgyzstan op meer dan 6000 meter hoogte achter de rug heeft. Seppe zegt dat hij daar de grootste schrik van zijn leven heeft gehad en dat hij op een gegeven moment heeft moeten opgeven vanwege het gevaar en de slechte omstandigheden. 

In onze B&B organiseren we ons vertrek voor de volgende ochtend. Pierre biedt een aantal van ons Gerondal ski’s aan om te gebruiken, terwijl ik Lagoped outfits uitdeel aan degenen die van de reis gebruik willen maken om dit nieuwe merk te testen. Met Thibaut hebben we een uitstekende fotograaf bij ons. Thibaut is een Belg die in Le Châble, aan de voet van het vakantieoord Verbier in de Zwitserse Valais, woont. Hij werkt bij First Track Lab, een werkplaats voor ski-ontwikkeling en prototyping. De nacht is kort, mijn kamergenoot – als houtliefhebber – zaagt de hele nacht door…. Aan de voet van de gondel maken we kennis met onze plaatselijke gids, Nicola, de typische Italiaan: knap, fit en zeer aangenaam. Zijn Frans is niet erg goed, hij geeft de voorkeur aan Engels waarmee hij zich veel meer op zijn gemak voelt. Mijn rugzak weegt een ton. Het is de eerste keer dat ik ga stappen met mijn ski’s en laarzen op mijn rug gebonden. Na de eerste gondel nemen we een kabelbaan die ons naar meer dan 2800 meter hoogte brengt. Dit is waar onze tocht begint. Plotseling staan we oog in oog met twee steenbokken. Welkom in het hooggebergte! De zon schijnt, het wordt warm. We doen al meteen een aantal laagjes kledij uit.

De berg is mooi, maar steil.

De rotsen zijn door de ochtendvorst glad. Er was ons verteld dat we een ‘wandeling’ zouden maken en om niet al te veel gewicht mee te nemen, kozen Pierre en ik voor een paar trailrunning schoenen. De hele klim lang hebben we daar spijt van. Bergschoenen met een goede grip zijn duidelijk de betere optie. Uiteindelijk duurt de wandeling vijfeneenhalf uur! We zijn nog ver verwijderd van de in het begin aangekondigde timing. Uiteraard stoppen we verschillende keren om foto’s te maken, maar toch vooral om op krachten te komen en die rugzak die letterlijk in je schouders snijdt even aan de kant te zetten. De Gnifetti-hut ligt op 3648 meter hoogte. Na vier uur lopen, krijg ik hoofdpijn. Anderen in de groep delen hetzelfde lot. Gelukkig hebben we de nodige medicijnen bij.

De grootste waaghalzen onder ons nemen de snelle route, die eindigt met een zeer steile via ferrata. Zelf vergezel ik de rest van het team op weg naar de hut via de normale weg. De Gnifetti-hut is genoemd naar Giovanni Gnifetti, pastoor van Alagna Valsesia en bergbeklimmer, auteur van de eerste beklimming van een van de hoogste toppen van het Monte Rosa massief, in 1842, die vandaag de dag zijn naam draagt (Punta Gnifetti of Signalkuppe), waar zich de hut van Koningin Margaret bevindt, de hoogste berghut van Europa op 4558 meter hoogte.

Het beste restaurant van Italië

De rugzakken gaan in de kamers en als hongerige wolven bestormen we het restaurant. De pasta smaakt heerlijk en de jongeren onder ons staan alvast te popelen om een eerste beklimming te doen. Na de zware klim en mijn opkomende hoogteziekte besluit ik deze klim aan mij voorbij te laten gaan. Pierre en cameraman Zen doen hetzelfde. Anderhalf uur later, na een klim van vijfhonderd hoogtemeters en een ‘run’ tussen de gletsjerspleten staat de groep uitgelaten terug aan de hut. Een bescheiden après-ski en een voortreffelijk diner later – de Gnifetti-hut heeft naar verluidt een van de beste keukens van alle hutten in Italië – later vallen we deze avond als een blok in slaap. Morgen wacht er ons een veelbelovende dag.

Doel Piramide Vincent

De klim, richting voet van de Piramide Vincent, start rustig. Zodra het te steil wordt, zijn de splitboarders genoodzaakt hun stijgijzers te monteren. We zigzaggen tussen de spleten door en slechts één keer hebben we meer moeite met het oversteken van een gapende spleet. Ook al kennen sommige leden van de groep, zoals Fre en Michi, het gebied goed, toch zijn ook zij gerustgesteld een plaatselijke gids aan onze zijde te hebben. We passeren veel klimmers die ‘en cordée’ op weg naar de Gnifetti -hut zijn. Onze gids, overtuigd van het technische kunnen van de groep, laat ons op geen enkel moment ‘en cordée’ gaan.

Op 4000 meter hoogte, aan de voet van de eerste top, splitst de groep zich. Zen zal met zijn camera en drone beneden blijven om vandaar beelden te maken. Thibaut en Gert zullen de tegenoverliggende top beklimmen om foto’s te nemen. Ik klim met de gids, Seppe, Pierre, David, Fre, Matthias en Michi verder. De laatste hoogtemeters zijn met name voor de splitboarders die minder grip hebben, een stuk moeilijker. We komen veilig aan op de top van Piramide Vincent, op 4215 meter hoogte. De groep is uitgelaten, het uitzicht op de omringende toppen is grandioos. 

De stijgvellen gaan in de rugzakken, we doen een extra laag aan, nemen een sip van de génépi die Michi in zijn tas heeft en zijn klaar voor de afdaling. Met tien centimeter verse sneeuw zijn we allemaal ongeduldig om een spoor te maken. Het is half september en we gaan poeder rijden. De fotografen en cameraman bepalen de volgorde. David en Fre gaan eerst om de lijn te verkennen, daarna volgen Seppe en Pierre voor de foto’s en de film, vervolgens de rest van de groep. Ik kijk uit naar mijn beurt, een mooie gelegenheid om een paar nieuwe Gerondal ultralichte toerski’s te testen. Tijdens de klim waren ze geweldig, benieuwd wat dat in de poeder zal geven. Ik geniet van de afdaling die eeuwig lijkt te duren, elke bocht, elke kantenwissel. De ski’s reageren prachtig en ik schreeuw het uit van plezier. Wij zijn allen in een staat van extase, vertellen elkaar over onze eigen afdaling en genieten er opnieuw van. Uit Seppe’s gloedvolle debriefing blijkt dat zijn splitboard hem een geweldig gevoel geeft.

We nemen een pauze en komen op krachten voor we het volgende doel van de route aanpakken. We gaan naar Lyskamm, een top op 4527 meter hoogte ten westen van Monte Rosa. Na veertig minuten klimmen zijn we gedwongen rechtsomkeer te maken, de mist wordt te dik om nog vlot door te klimmen. Bovendien is er geen beterschap op komst. Tijdens een korte opklaring hebben we de tijd om een paar beelden te schieten alvorens de afdaling in te zetten en opnieuw van deze buitengewone sneeuw te genieten. We slalommen tussen gletsjerkloven door en Seppe maakt van de gelegenheid gebruik zijn eerste jump te lanceren. Wat een klasse!

Vlak voor we bij de schuilplaats aankomen, vallen Michi en Pierre. De eerste lacht zich een ongeluk, de tweede blijft echter een paar minuten onheilspellend op de grond liggen voor hij opstaat met grote blauwe plekken op elleboog en heup. De dag was uitzonderlijk. We genieten van de heerlijke primi, secondi en dolci van onze gastheer.

Het einde van een onwaarschijnlijk avontuur

Terwijl Seppe en zijn vrienden tot maandagavond blijven om nog een top te doen, moeten David, Zen, Pierre en ik, geflankeerd door de gids, op zondagochtend alweer naar beneden. Het gaat bijna de hele nacht sneeuwen. We bedenken alle mogelijke scenario’s om ons voor te bereiden op de tocht die ons te wachten staat, vanaf het ochtendgloren, eerst in het donker vervolgens in een onvervalste sneeuwstorm. De afdaling is episch, het zicht is nul, de donder rommelt, de storm is op komst. We zijn gedwongen kort te schuilen in een verlaten bergrestaurant. De sfeer is surrealistisch. Eindelijk, na tweeëneenhalf uur afdalen, bijna in looppas, bereiken we de kabelbaan. We zijn allemaal uitgeput, maar hebben een goed gevoel. Zelfs de afdaling van de Gnifetti-hut zal een mooie herinnering blijven. Twee liften later staan we terug in Alagna, in de gietende regen. Hoog boven onze hoofden maken Seppe en zijn vrienden gebruik van een korte opklaring om in meer dan dertig centimeter verse poeder te rijden.

Pierre en ik vatten de terugweg aan. De regen zal ons de hele dag vergezellen, maar de achtenveertig uur op de top waren zo intens en magisch dat het ons enkele dagen zal kosten om weer met beide voetjes op de grond te komen. David en Zen hebben hun beelden, ze zullen hun film kunnen afmaken. Seppe heeft veel plezier beleefd aan het rijden met zijn vrienden en met een board dat hij deels zelf heeft ontwikkeld. Pierre heeft kunnen zien hoe goed zijn creaties zijn afgewerkt en presteren. Kortom, het was erg leuk. Wat mij betreft, ik voel me tien jaar jonger en ik ben klaar voor de volgende top. Mont Blanc op ski’s, iemand?

Tekst: Dimitri Papageorges – – Foto’s: Brighthead Media, Pierre Gerondal, Dimitri Papageorges, Michi Kleiner